Laparoscopie

Een laparoscopische ingreep wordt ook wel een kijkoperatie of een sleutelgatoperatie genoemd. Er worden enkele heel kleine incisies in de buikwand gemaakt waarlangs de instrumenten in het lichaam worden gebracht. Dat is veel minder invasief dan een klassieke operatie.

Het OLV Ziekenhuis was één van de eersten in België waar laparoscopische ingrepen werden uitgevoerd. Nog steeds geniet onze dienst Algemene heelkunde van een sterke reputatie op dit terrein.

Daarom hernemen we hieronder het interview uit 2015 met de betrokken chirurgen naar aanleiding van 25 jaar laparoscopie. Maar eerst kan u ook een kort filmpje bekijken over een gastric bypass-ingreep via laparoscopie.

Gastric bypass via laparoscopie

Dr. Yves Van Molhem
Patiënten ondervinden minder pijn, esthetisch zijn kijkoperaties minder
ingrijpend en alles verloopt sneller.
Dr. Yves Van Molhem

"Geen evolutie in algemene heelkunde zo groot als kijkoperaties in de buikholte”

“Onmiddellijk beseften we: dit gaat alles veranderen. Sindsdien hebben we geen evolutie van dit formaat meer gekend”, vertelt dr. Yves Van Molhem, diensthoofd van de afdeling Algemene Heelkunde in het OLV Ziekenhuis. Laparoscopische operaties of kijkoperaties in de buikholte werden 25 jaar geleden geïntroduceerd in het ziekenhuis en spelen tot op vandaag een belangrijke rol in het verder verbeteren van ingrepen, voor zowel artsen als patiënten. “Ik was 25 jaar geleden als assistent betrokken bij de opstart van laparoscopie in het OLV Ziekenhuis. Ik herinner me nog goed wat een onderneming het was om in die begintijd een kijkoperatie in de buikholte uit te voeren”, blikt dr. Van Molhem terug. “Dr. Jean-Pierre Gillardin, die intussen met pensioen is, was een van de eerste chirurgen die zich aan laparoscopie waagde. In die tijd was een heuse videotoren nodig voor een kijkoperatie. We kregen een opleiding van het bedrijf dat de apparatuur maakte en we gingen aan de slag.”

Van ‘early adopter’ tot Europees referentiecentrum

Het OLV Ziekenhuis was een kwarteeuw geleden een van de ‘early adopters’ van laparoscopie. “We waren een van de allereerste ziekenhuizen die laparoscopie toepasten. De oudere generatie van artsen was een beetje afwachtend, maar iedereen besefte snel dat dit een belangrijke vooruitgang was”, herinnert dr. Van Molhem zich. “Onze allereerste ingreep was een galblaasoperatie die toen vier uur tijd in beslag kon nemen, maar nu amper nog een twintigtal minuutjes duurt. Later volgden ook de appendix-, liesbreuk-, maag- en grotere darmoperaties met laparoscopie.”

Laparoscopie speelde later ook nog een bepalende rol in de ontwikkeling van de bariatrische heelkunde (of vermageringsoperaties) in het OLV Ziekenhuis. “Mee dankzij onze expertise in kijkoperaties wisten we een sterke obesitaskliniek uit te bouwen. Voor zwaarlijvige patiënten zijn minimale invasieve behandelingen een grote verbetering. Ook onze leverchirurgie en endocriene chirurgie varen wel bij onze laparoscopische kennis en technieken.” Intussen is het ziekenhuis een referentiecentrum voor laparoscopie in Europa geworden en komen chirurgen uit binnen- en buitenland graag meekijken hoe laparoscopie in het OLV Ziekenhuis uitgevoerd wordt.

“Elk jaar voeren we niet minder dan 1.500 laparoscopische ingrepen uit, die samen goed zijn voor 80 procent van de activiteiten op onze afdeling Algemene Heelkunde. Zeker met onze colorectale heelkunde – dat zijn ingrepen aan de dikke darm en endeldarm – staan we sterk”, vult dr. Van Molhem aan.

Voordelen voor patiënten

Voor patiënten zijn kijkoperaties in de buikholte om meer dan één reden een vooruitgang. “Patiënten ondervinden minder pijn, esthetisch zijn kijkoperaties minder ingrijpend en alles verloopt sneller. De ingrepen nemen minder tijd in beslag en nadien kunnen patiënten sneller naar huis. Waar ze na een open operatie vroeger tien tot veertien dagen in het ziekenhuis moesten blijven, kunnen patiënten nu na drie à vier dagen of zelfs na een dagkliniekopname thuis verder herstellen”, zegt dr. Van Molhem.

Dat heeft wel consequenties voor huisartsen. Zij moeten extra aandacht hebben voor vroege verwikkelingen, waarmee ze vroeger niet te maken kregen. “Als patiënten na een laparoscopische ingreep complicaties krijgen, kloppen ze vaak ook eerst bij hun huisarts aan. Patiënten die een liesbreukoperatie achter de rug hebben, kunnen ’s avond bijvoorbeeld problemen hebben om te plassen. Zij en hun huisarts moeten daarvoor alert zijn en de huisarts kan dan een sonde plaatsen.”

Voortborduren op een mijlpaal

Laparoscopie haakt in op de evolutie om steeds minder invasieve chirurgie toe te passen en elke bijkomende vooruitgang hangt voor een groot stuk samen met technische verbeteringen van beeldmateriaal. “Niemand zou vandaag nog willen werken met de beelden die we 25 jaar geleden voorgeschoteld kregen tijdens de eerste kijkoperaties”, aldus dr. Van Molhem.

“Nu krijgen we alles in HD te zien. 3D-beelden zijn de volgende stap. Ik ben ervan overtuigd dat op dat gebied nog heel wat progressie gemaakt kan worden. Wat robotchirurgie betreft, zie ik minder snel de meerwaarde voor laparoscopie. Robotchirurgie is vandaag vooral handig wanneer de operatie technisch moeilijk is en ingrijpt op plaatsen waar we weinig beweegruimte hebben. Maar mogelijk biedt de pas in gebruik genomen robot van de nieuwste generatie wel een meerwaarde. De evolutie staat niet stil.” Technische revelaties zoals laparoscopie ziet dr. Van Molhem niet meteen op korte termijn plaatsvinden. “Je kan echt spreken van een nieuw tijdperk dat 25 jaar geleden aanbrak dankzij laparoscopie. Alle nieuwe stappen zijn eigenlijk verbeteringen die voortborduren op die mijlpaal.”